HET IS WEER DEZE NACHT
Het is weer deze nacht dat tractoren
Grommen in de achtertuin. Als hese honden
Naar mijn trommelvlies grauwen. Het is weer
Deze nacht dat oeverloos snauwen een
Vuist slaat tegen de sterrenloze hemel. Er
Rouw wordt afgekondigd in verdwenen
Straten. Het is weer deze nacht dat namen
Tollen in de gaten van schrompelend
Geheugen. Namen als oud textiel in jute
Zakken. Gedroomde namen soms. Het is
Weer deze nacht dat gezichten vergelen in
Kisten, verbranden in ovens, verteren
In aarde. En het is weer deze nacht, dat
Ik taal hark, woorden schoffel, in mezelf
Brom, met een klap de luiken laat landen.
IT IS ONE OF THOSE NIGHTS
It is one of those nights when tractors
Growl in the backyard. Snap at my ear drums
Like hoarse hounds. It is one of those
Nights when endless snarling raises
A fist against the starless sky, mourning
Is proclaimed in vanished streets. It is
One of those nights when names keep
Spinning in the holes of a shrinking
Memory. Names like old clothes in gunny
Bags, even names dreamt up. It is
One of those nights when faces fade in
Coffins, are burnt in ovens, moulder
In earth. And it is one of those nights when
I rake up speech, gather words, grouse within
Myself, and the blinds come crashing down.
Het is weer deze nacht dat mijn vader zonder
Klop op de deur aan tafel komt zitten en ik hem
Jenever inschenk. Hij gretig zijn eerste glas
Drinkt, een tweede gebaart, zijn stropdas
Ontknoopt en een sigaret opsteekt. Uit zijn
Binnenzak haalt hij foto’s, wijst naar
Zichzelf en knikt. Ik herken de verleden
Man die zo dicht bij mij staat, dat ik opnieuw
Verlegen de dood van mijn rug krab.
Het is weer deze nacht dat zijn stem naar toon
En zoon zoekt. Iedere borrel is een slok
Toenadering, iedere sigaret een verlegenheid.
En als de fles geleegd is, de sigaretten gerookt
Stapt hij terug in zijn nacht, blijf ik achter,
Terwijl daglicht tergend langzaam ogen sart.
It is one of those nights when my father sits
Down unannounced at the table and I pour
Out a drink, and he empties his first glass
Thirstily, signals for another, loosens
His tie and lights a cigarette. From an
Inside pocket he produces faded photos, point
At himself and nods. I recognize the man
From the past, so close to myself that I shrug
Death from my shoulders, feeling shy again.
It is one of those nights when his voice reaches
Out for sound and son. Each glass a step
To bring us closer, cigarettes hiding shyness.
And when the bottle is empty, cigarettes finished,
He retires into his night, and I am left behind,
While daylight slowly taunts my eyes.
Het is weer deze nacht die om mij hangt
Als een natte loden jas, die mij ter aarde
Drukt. Waarin ik wankel na een stortbui,
Een huis bereik. Het is weer deze nacht,
Dat herinnering als een scherp mes schaaft
En er schilfers naar beneden dwarrelen.
Een sneeuw van zwijgen, waarin doden
Miraculeus worden betast. Het is weer
Deze nacht, dat dicht tegen mij huid zich
Vleit en plooit. Ik je kus met dunne lippen.
Verleden tederheid zich spreidt. Het is
Weer deze nacht, dat regen drupt op de
Vloer van vroeger, almaar drupt, en het
Hoofd blijft liggen op het doordrenkte
Kussen en je zo moet huilen.
It is one of those nights that envelop me
Like a wet duffel coat weighting me down,
In which I stagger on after a downpour,
Reach my home. It is one of those nights
When memory scrapes like a sharp knife
And flakes whirl down. Silence as
Deep as a snowfall, which miraculously
Touches the dead. It is one of those nights
When your presence reaches out and nestles
Close to me. I kiss you with pursed lips.
Former tenderness reasserts itself. It is
One of those nights when rain drips on the
Floor of remembrance, and drips, and your
Head lies still on your drenched pillow
And you can only cry and cry.
Translation: Peter Boreas